Verwarm de hete lucht oven voor op 220 C, of de gasoven op 200 C (stand 7).
Rol het bladerdeeg uit tot een cirkel van 35 cm diameter. Heb je een rechthoekig vel bladerdeeg, snijd er dan zo groot mogelijke rechthoeken uit die 4 cm breder zijn dan de breedte van je appelschijfjes.
Leg op een bakplaat bekleed met bakpapier.
Schil de appels, verwijder het klokhuis, snijd in dunne schijfjes, drenk even in het citroensap en verdeel ze dan over het ronde vel bladerdeeg, blijf wel 2 cm weg van de rand. Heb je lange rechthoeken gesneden, leg
de schijfjes dan in 1 rij en blijf ook hier 2 cm weg van de randen.
Krul de rand(en) iets op zodat het sap van de appels niet uit de taart loopt.
Verspreid de boter bovenop de appels en bestrooi met vanille en suiker.
Bak de appeltaart voor 15 tot 20 minuten, totdat de appels zacht zijn en het bladerdeeg krokant gebakken en gerezen is.
Indien je een blinkende taart wil serveren: verwarm de abrikozenconfituur en borstel over de appels en de rand van het gebak rand.
Strooi wat poedersuiker over de appeltaart en serveer met vanille-ijs of crème fraîche.